• No Products in the Cart
Marina de Haan
0
  • No Products in the Cart

Voor Marina de Haan is het niet meer dan logisch om donor te zijn: ’Als ik een ander op die manier kan helpen, waarom niet?’ | Column

  • Marina
  • okt 7, 2020

Al vijftien jaar heb ik een verfrommeld geel papiertje van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in mijn portemonnee. Ik ga er voor het gemak vanuit dat het nog geldig is, want er staat dat ie geldig is vanaf 30 mei 2005.

Ik was negentien toen ik uit vier keuzes zonder twijfel voor de eerste koos. Achterop het ’bewijs van registratie’ staat wat die keuze betekent: u stelt uw organen en weefsels na uw overlijden beschikbaar voor transplantatie.

Ik vond en vind het niet meer dan logisch om mijn organen en weefsels na overlijden af te staan. Als ik na mijn tijd hier op aarde iemand anders daarmee kan helpen, waarom niet? Ik heb er eigenlijk altijd zo ingestaan.

Zonder donor
Lang zat dat gele papiertje onbewust tussen al mijn pasjes. Ik dacht er maar weinig aan. Tot iets meer dan een jaar geleden toen ik Jannica van Barneveld interviewde. Op haar 29e kreeg ze acuut leverfalen en enkel een donor kon haar leven redden. Zonder die donor zou ze er nu niet meer zijn. Zonder die donor had ik haar nooit kunnen interviewen. Zonder die donor waren wij ook geen goede vriendinnen geworden.

Het Donorregister stuurt iedereen, die nog geen beslissing heeft gemaakt, een brief om die alsnog te maken. Voor een serie verhalen in de krant interview ik verschillende mensen die leven dankzij een donor. Het eerste verhaal is te lezen op de website, maar ik heb al meerdere gesprekken gevoerd.

Tweede leven
Dinsdag sprak ik nog een man die sinds anderhalf jaar nieuwe longen heeft. „We zijn tegenwoordig allemaal into duurzaamheid”, zei hij. „Zelfs een tuinstoel krijgt een tweede leven, waarom dan niet een mens?”

Ik werd stil. Ik slikte. Ja, waarom niet een mens?

YOU MIGHT ALSO LIKE